Wie het woord moet voeren, dient met overleg te werk te gaan. Hij stelt zich vragen over de aard van de boodschap, de functie van de spreker en over de spelregels van het verbale interactieproces. Deze basisvragen zijn in dertien kleine hoofdstukken helder uiteengezet en nodigen tot structureel handelen uit. Aardige citaten bemoedigen de gebruiker; vier checklisten bieden praktisch houvast bij de voorbereiding. Zonder literatuurverwijzingen, voor een breed publiek. Het boekje is een iets uitgebreide en herziene editie van 'Praten als Brinkman' uit 1993*.